Voorbereidingen en nazorg operatie hond

Verzorging voor de operatie

 

  • Laat uw hond kort voor de operatie goed uit.
    De hond kan tijdens de narcose de urine en ontlasting niet goed ophouden, hetgeen voor ongemakkelijke en onhygiënische situaties kan zorgen. Bovendien kan bij buikoperaties een volle blaas of een endeldarm vol ontlasting de chirurg behoorlijk in de weg zitten.
  • Zorg dat uw hond schoon is voor de operatie.
    Indien nodig een dag voor de operatie even in bad of onder de douche.
    Bij langharige honden de vacht even goed uitborstelen, zodat deze minimaal klit. Dit is vooral van belang bij het scheren voor de operatie. Hou er ook rekening mee dat dit na de operatie gedurende een bepaalde periode onhandig en/of pijnlijk kan zijn om dan te moeten borstelen.
  • Houd uw hond nuchter voor de operatie.
    Dit betekent dat u uw hond de avond vóór de dag van de operatie om ongeveer 20:00 uur voor het laatst eten mag geven. De hond mag wel gewoon water drinken na die tijd. Dit nuchter houden is van belang om braken tijdens de narcose te voorkomen, hetgeen gevaarlijk kan zijn in verband met de kans op verslikken.

 

De dag van de operatie

 

Geef uw hond een rustige en veilige ligplaats, om de narcose uit te slapen. De hond zal de eerste uren na de narcose nog wat wiebelig op de poten staan, dus best niet op een verhoging of in de buurt van een trap. Teveel herrie van andere huisdieren of kinderen moet ook worden vermeden.
Houd de hond warm. Dit is vooral ook van belang bij het vervoer naar huis.

Geef de hond nog geen eten, de kans bestaat dat de hond nog misselijk is van de narcose en dus gaat braken na het eten. U mag wel een klein beetje water neerzetten.
Laat uw hond 1 of 2 keer even kort naar buiten, om zijn behoefte te doen.
Houd grote honden aan de lijn, een kleine hond kunt u eventueel ook naar buiten dragen.

 

De dagen na de operatie

 

  • Laat de hond aan de leiband uit. De eerste 2-3 dagen korte stukjes lopen met uw hond, daarna kunt u de duur van de wandeling weer langzaam opvoeren.
  • Laat uw hond niet springen (bijvoorbeeld in de auto) en niet spelen met andere honden gedurende 10 dagen na de operatie.
  • Zet uw hond niet in bad of onder de douche en laat hem/haar zeker niet zwemmen de eerste 10 dagen na de operatie.
  • Zorg ervoor dat uw hond niet kan likken, bijten of krabben aan de operatiewond. Dit kan voorkomen worden door middel van een kraag, een pet shirt, verbanden of een schoentje. Honden kunnen in zeer korte tijd een wond volledig open krabben of bijten als u er even niet bij bent!
    Wanneer u uw hond naar huis neemt krijgt u hierover advies en het nodige materiaal.
  • Controleer de wonde 1 x per dag. Waar u vooral op moet letten is roodheid, zwelling, bloedingen en ontstekingsvocht of etter.
  • Geef de medicijnen die u voor uw hond heeft meegekregen volgens voorschrift. Indien dit niet lukt neemt u best contact met ons op. Vooral in het geval van een antibioticumkuur is het van belang dat de kuur niet voortijdig wordt onderbroken.

 

Zeker contact opnemen indien:

 

  • Uw huisdier de dag na de operatie nog niet wil eten of drinken.
  • Uw huisdier braakt.
  • Uw huisdier na de narcose te lang sloom blijft of ondertemperatuur heeft.
  • Er problemen zijn met de wond(genezing).
  • Uw huisdier koorts heeft (temperatuur boven de 39°C).
  • Uw huisdier bleke slijmvliezen heeft.
  • Uw huisdier blijk geeft van pijn.
  • Er problemen zijn met het ingeven van de medicijnen.
  • U ergens over twijfelt!!!